Europese samenwerking

In 2015 werd de Europese Unie geconfronteerd met de zwaarste vluchtelingencrisis sinds de Tweede Wereldoorlog. Ook in België – met zijn centrale geografische positie in het hart van Europa – waren gevolgen zichtbaar in het straatbeeld. De crisis legde verschillende pijnpunten bloot in het gemeenschappelijk Europese asiel- en migratiebeleid én in dat van de lidstaten. De samenwerking en solidariteit tussen EU-lidstaten was ver zoek. Het beheer van migratiestromen bij ons en in andere EU-lidstaten vraagt een doorgedreven samenwerking op Europese schaal. Deze regering zal een voortrekkersrol spelen bij het tot stand komen van deze samenwerking, waarbij elke lidstaat haar verantwoordelijkheid moet nemen en de lidstaten onderling solidair moeten zijn. De Europese Unie bevindt zich op een keerpunt. Het Europees Asiel- en Migratiepact is essentieel. De EU én de lidstaten moeten de bocht naar een meer gemeenschappelijk beleid inzetten. Dat om niet met zijn allen gezamenlijk uit de bocht te vliegen.

Een Europees Asiel- en Migratiebeleid

België zal een leidende en verbindende rol voor een goed functionerend gemeenschappelijk Europees asiel- en migratiebeleid blijven spelen. Daarbij willen we niet blind zijn voor de tekortkomingen van het huidige systeem. Kritiek helpt ons niet vooruit. Daarom zal België constructieve en positieve bijdragen leveren om te komen tot breed-gedragen structurele aanpassingen aan datzelfde systeem.

 

Enkele weken geleden stelde de Europese Commissie zijn Europees Asiel- en Migratiepact voor. Dit Pact stelt een omvattende benadering van migratie voorop. Daarbij wordt aandacht besteed aan de onderling verbonden deelaspecten van het migratiebeheer. Elk onderdeel van het Pact versterkt het geheel. De holistische benadering voorgesteld door de Commissie zal ondersteund en versterkt worden, met voldoende aandacht voor de afzonderlijke wetgevende initiatieven onder het Pact.

 

België zal bij de onderhandelingen over het Europees Pact het principe verdedigen dat de Europese instellingen, zoals Frontex, de grondrechten, evenals de internationale verplichtingen, waaronder SAR en Safety of Life at Sea (SOLAS) respecteren.

 

Sterkere buitengrenzen

Een sterk intern systeem gebaseerd op wederzijds vertrouwen, solidariteit en verantwoordelijkheid is een existentiële noodzaak voor de EU en Schengen, maar kan enkel tot stand komen mits een effectieve controle aan de buitengrenzen. De ambitieuze voorstellen die de Commissie nu op tafel legt, sluiten daarbij aan. De regering steunt de voorgestelde operationele en “evidence-based” verbeteringen, bijvoorbeeld technische aanpassingen aan de Eurodac database en een verplichte medische en identiteitsscreening van wie de EU binnenkomt. Hoogkwalitatieve en correcte procedures aan de Europese buitengrenzen en een redelijk herverdelingsmechanisme waaraan alle lidstaten deelnemen, zullen ons helpen in het performant beheer van onwettige secundaire migratiestromen. Beide zijn onlosmakelijk verbonden. De Griekse, Italiaanse, Spaanse, Maltese, … grenzen zijn ook onze grenzen. België steunt deze landen bij de bescherming van deze grenzen. Dit is het principe van solidariteit dat we willen. Het is evengoed in het belang van België om zo secundaire migratiestromen tegen te gaan.

Een globale Europese benadering houdt in dat de specifieke eigenheden van EU-lidstaten in rekening worden genomen. Unie-lidstaten met lange en fysieke buitengrenzen hebben andere problemen dan België, dat een hoog aantal secundaire migratiestromen tegemoet ziet. Sinds januari 2020 leverden 3829 verzoekers om internationale bescherming in België een positieve hit op na controle van de EU asiel-vingerafdrukdatabase Eurodac. Dit betekent dat ze al eerder elders in een EU-lidstaat hebben verbleven. Deze regering wil in een Europees kader structurele oplossingen vinden om deze aantallen naar beneden te halen.

Ten eerste moeten onze acties op hetzelfde niveau staan als deze van andere lidstaten. Dit vraagt een goede samenwerking tussen de interne administratieve en politionele diensten. Ten tweede moeten we er op toezien dat andere lidstaten blijvend in staat zijn hun verantwoordelijkheden op te nemen en dat “systeem”-misbruiken worden vermeden. Samen met onze bevoegde diensten en diplomatieke vertegenwoordigers werkt deze regering daarom op het Europees toneel aan de gelijkwaardigheid van procedures, criteria en behandeling. Enkel wanneer elk EU-land dezelfde kwaliteit van procedures en kansen op integratie biedt, kunnen we spreken van een sterk Europa. Deze regering zal zich solidair tonen zodat geen enkele lidstaat buitenproportionele lasten moet dragen. We zullen daarom concreet bijdragen aan de Europese solidariteits- en relocatieprogramma’s, en van anderen verwachten dat ze hetzelfde doen.

 

Gezamenlijke inspanning

Een belangrijke component van de Europese en Belgische inspanningen is de ontwikkeling van een geloofwaardig, humaan en efficiënt terugkeerbeleid. Een goede samenwerking met derde landen staat of valt met het bestaan van een vertrouwensrelatie. Naast onze bilaterale inspanningen zal onderzocht worden waar het opportuun is dat België zich inschrijft in een gemeenschappelijke EU of Benelux aanpak. Het is duidelijk dat dit geen gemakkelijke opdracht is. Verschillende voorgangers, collega’s uit andere EU-lidstaten en de Europese Commissie hebben op dat vlak al inspanningen geleverd, met wisselende resultaten. Deze regering wil leren uit hun ervaringen en het beter doen.

 

Ook andere aspecten van het extern beleid van de EU kunnen worden ingezet om aan migratiebeheer te doen. Daarbij kan worden gedacht aan het zorgen voor een betere opvang en bescherming in de herkomstregio’s en het aanpakken van de grondoorzaken van irreguliere migratie. In noodsituaties zal deze regering op vraag van landen die migranten op grote schaal opvangen bijspringen met logistieke, operationele en humanitaire steun. Daarnaast moeten in EU-verband mogelijkheden van legale migratiekanalen ingezet worden in het licht van de noden van onze arbeidsmarkt en kenniseconomie. Voor België gebeurt dit in samenwerking met de deelstaten. Hervestiging is ook het beschermingsmiddel bij uitstek om de meest kwetsbare vluchtelingen op legale en veilige manier een toekomst in Europa te bieden. De EU moet hier duurzaam op inzetten. Het sterk Belgisch engagement in het Europees Migratienetwerk (EMN), het Europees Grens- en Kustwachtagentschap (Frontex) en het Europees Ondersteuningsbureau voor Asielzaken (EASO) blijft onverkort gelden.

 

Ten slotte zal een gekend Belgisch pijnpunt in Europa aangepakt worden. Onder het motto “practice what you preach” wil deze regering snel en correct Europese richtlijnen omzetten en verordeningen toepassen in de Belgische rechtsorde. In het verleden werd België te vaak onderworpen aan inbreukprocedures en bijhorend vingergetik door de Europese Commissie. Concreet wil deze regering prioritair werk maken van de omzetting van de Europese Studentenrichtlijn ((EU) 2016/801). Deze nieuwe wetgeving moet de toegang tot Belgische wetenschappelijke instellingen faciliteren en kennismigranten na afloop van hun studies toelaten hun verblijf te verlengen, zodat zij hier werk kunnen zoeken of een eigen zaak kunnen opstarten. Op deze manier kunnen we de investering in buitenlandse talenten verzilveren. Tot slot dienen ook in het kader van Brexit enkele dringende stappen gezet te worden ter uitvoering van het terugtrekkingsakkoord tussen de EU en het VK. België telt zo’n 20000 Britten en hun families die cultureel en economisch bijdragen tot onze maatschappij. De regering wil deze Britten informeren over hun rechten en de te volgen administratieve procedures opdat zij hun verblijfsrechten kunnen blijven uitoefenen. De nodige aanpassingen in het nationaal recht staan prioritair op de agenda van de Ministerraad.

 

Meer nieuws