Building

Kwaliteitsvolle opvang  in een flexibel opvangmodel

Een stabiel opvangnetwerk is cruciaal. Cruciaal om schommelingen in bezetting op te vangen. Cruciaal ook om andere delen van het beleid te kunnen uitvoeren (bv. hervestiging). Maar ook cruciaal voor duidelijkheid naar de bevolking toe. De afgelopen legislatuur werd gekenmerkt door openingen van nieuwe plaatsen, sluitingen, en opnieuw openingen. Soms in dezelfde gemeenten. Dit zorgde voor veel onduidelijkheid en bracht telkens weer dezelfde bekommernissen naar boven, met een ondermijning van het draagvlak als gevolg. Een stabiel, maar flexibel opvangnetwerk, met voldoende bufferplaatsen en een goed evenwicht tussen collectieve en individuele opvangplaatsen komt hieraan tegemoet.

Stabiel opvangnetwerk

Het opvangnetwerk heeft de voorbije jaren voor grote uitdagingen gestaan. Na een verhoging tot bijna 35 000 plaatsen in het 2016 om de vluchtelingencrisis meester te kunnen, kende het opvangnetwerk opnieuw een afbouw en opbouw. Fluctuaties in benodigde opvangcapaciteit zijn eigen aan een context van een fluctuerend aantal aanvragen. Het zou verkeerd zijn zich ertoe te laten verleiden om opnieuw zomaar af te bouwen wanneer het aantal benodigde plaatsen daalt, om vervolgens in allerijl opnieuw plaatsen te moeten creëren. Deze wederkerende chaos zet de draagkracht van het asielsysteem onder een permanente druk. Het grote voordeel aan deze volatiele context is dat deze volatiliteit gekend is. Het is dan ook essentieel om een systeem in plaats te brengen dat voorbereid is schokken op te vangen. Enkel zo kunnen steeds opvangplaatsen gegarandeerd worden zonder de kwaliteit van de plaatsen in het gedrang te brengen. De regering wenst hier dan ook te evolueren naar een langetermijnbeleid met een dynamisch beheer van het opvangnetwerk.

Een eerste stap is de opbouw van een aanzienlijke buffercapaciteit. Plaatsen die in reserve gehouden worden en slechts aangewend worden wanneer de nood daartoe is. In eerste instantie voelt het misschien inefficiënt aan om onbezette plaatsen te behouden. Het is inderdaad zo dat hier kosten aan vast hangen. Om deze zo laag mogelijk te houden zal Fedasil dus een systeem moeten creëren dat de kost van deze portefeuille aan bufferplaatsen beperkt. Een systeem waarbij kosten laag gehouden kunnen worden staat echter in schril contrast met de grote kosten die nu steeds opnieuw gemaakt moeten worden als Fedasil in urgentie op zoek moet gaan naar plaatsen. Iets wat het Agentschap de voorbije jaren op meerdere momenten heeft moeten doen. Dit kan verstandiger, dit kan beter. Bufferplaatsen zijn niet meer dan een logische verzekering om zowel hoge opstartkosten te vermijden als om opvanggerechtigde personen in ons land ook steeds opvang te kunnen aanbieden.

Lokale besturen

De regering wenst hiermee tevens stabiliteit en voorspelbaarheid terug te brengen naar de verschillende opvangcentra, maar zeker ook naar de lokale besturen. De voorbije jaren moest jammer genoeg vastgesteld worden dat het draagvlak voor het openen van nieuwe opvangcentra onder druk staat. Er heerst veel onbegrip en frustratie bij lokale besturen en inwoners wanneer er een beslissing komt om een opvangcentra te openen in hun gemeente, vaak snel en zonder mogelijkheid tot veel inspraak of voorbereiding. Een begrijpbare frustratie. De regering wil dan ook vermijden dat Fedasil hier steeds toe genoodzaakt wordt. Slechts wanneer die stabiliteit en voorspelbaarheid daar zijn, kunnen met lokale besturen duidelijke trajecten opgestart worden. Trajecten waarbij goede communicatie en ondersteuning bij de opstarten beheer van een opvangcentrum in een gemeente centraal staan. De komende maanden zal daarom met deze lokale besturen een dialoog worden aangegaan om samen met hen tot betere samenwerkingsverbanden te komen. Het bestaande draaiboek zal daarbij versterkt worden, met o.a. een aantal zeer concrete praktische zaken zoals het goed aanpakken van een infomoment met de buurtbewoners, en het verder ondersteunen van buurtinitiatieven en buddywerking in en rond de opvangcentra.

Bewoners van een opvangcentrum

Naast trajecten met de lokale besturen moet ook gewerkt worden aan trajecten met de bewoners van de opvangstructuren. De tijd die mensen in afwachting van een beslissing op hun verzoek om internationale bescherming in een opvangcentrum verblijven, kan zo nuttiger ingevuld worden. De voorbije maanden waren nuttige initiatieven te zien, waarbij verzoekers om internationale bescherming bij landbouwers aan de slag zijn gegaan toen er onvoldoende seizoenarbeiders waren ten gevolge van de COVID-crisis. Op dergelijke initiatieven moeten ingezet worden en hiervoor moet een duidelijk kader komen. Tijdens de periode dat verzoekers wachten op het antwoord op hun verzoek, zullen zij intensief begeleid worden. Een integratietraject kan al opgestart worden zodat zij goed voorbereid worden op het leven dat na een erkenningsbeslissing zal volgen. Omgekeerd zullen zij er van in het begin bewust van gemaakt worden dat terugkeer zal volgen na een afwijzing. Deze initiatieven bestaan al langer, maar zullen de komende maanden verder geïntensifieerd worden.

Collectieve en individuele opvangstructuren

Bovenstaande initiatieven moeten leiden tot een meer kwaliteitsvolle opvang. Opvang moet een plek zijn waar mensen, door snelle procedures, kort verblijven, maar wel de ruimte en omkadering krijgen om zich voor te bereiden op het leven erna. Voor een grote groep zal dit in collectieve opvangstructuren zijn, voor meer kwetsbare profielen, gezinnen met kinderen en personen met een hoge kans op erkenning in meer kleinschalige of individuele opvangstructuren. Steeds met aandacht voor de levensomstandigheden en de specifieke noden van de verzoeker. Er zal ingezet worden op het opsporen van bijzondere opvangnoden, specifiek van LGBTQIA+- bewoners. Hiervoor zal er samen met de interne diensten van Fedasil bekeken worden hoe de opvangstructuren meer aangepast kunnen worden en zal het personeel opgeleid worden over dit thema.

De lokale opvanginitiatieven blijven een cruciale schakel in het opvangnetwerk. Het zijn plaatsen die binnen de gemeenschap groeien. Hun rol moet dan ook versterkt en verduidelijkt worden. Voor mensen die een verblijfsstatuut verkrijgen, moet het nog meer een eerste stek worden van waaruit ze een leven in België kunnen opbouwen. Van waaruit ze een sociaal leven kunnen opbouwen, werk zoeken, deelnemen aan het lokaal verenigingsleven… Samen met de lokale besturen en de gemeenschappen zal deze regering ook dit project de komende jaren verder vorm geven.

 
 
 

Meer nieuws