• Sammy Mahdi

HET NIEUWSBLAD - Dubbelinterview Staatssecretaris Sammy Mahdi & Daniel Alliët

Alliët: “Ik leef tussen sans-papiers. Ik begrijp hun ellende” Mahdi: “En ik niet? Ik ben tussen hen opgegroeid”

Een interview uit Het Nieuwsblad.


Toegeven of niet? Dat lijkt dé vraag ­wanneer het gaat over de 475 mensen zonder papieren die in hongerstaking zijn. Priester Daniel Alliët, de geestelijke vader van de kerkbezettingen, vraagt in de eerste plaats begrip voor deze ­“moderne slaven”. Maar bevoegd staatssecretaris Sammy Mahdi (CD&V) blijft principieel. “Barmhartigheid staat niet gelijk aan open grenzen.”

“Al meer dan twintig jaar leef ik ­letterlijk tussen de sans-papiers”, zegt de Brusselse priester Daniel Alliët. “Ik luister naar hun verhalen, ik begrijp hun ellende.” “Wat denkt u”, ­reageert Sammy Mahdi scherp. “Dat ik niet met hen praat? Ik ben ­opgegroeid in Brussel, tussen de sans-papiers. Ik durf zelfs te zeggen dat ik van alle nationale politici het meest contact heb gehad met die mensen, en nog steeds heb.”

Halverwege het gesprek dreigt er even een opbod tussen CD&V-staatssecretaris Sammy Mahdi, de politicus, en Daniel Alliët, de activist. Mahdi is de man waarop alle ogen zijn gericht om een einde te maken aan de hongerstaking in de Brusselse Begijnhofkerk en op de campussen van VUB en ULB. Tegenover hem zit Daniel Alliët, 77 jaar, die als uitgeweken West-Vlaming 35 jaar geleden priester werd van de Begijnhofkerk in Brussel. Hij zette die toen meteen open voor mensen die het moeilijk hadden, illegaal of niet. In 1999 en 2009 leidden acties in zijn kerk tot de ­collectieve regularisatie van mensen zonder papieren. ­Intussen is Alliët met pensioen, maar hij trekt nog ­dagelijks met de fiets naar de ­Begijnhofkerk om poolshoogte te nemen.

Hoe is de situatie daar nu? Alliët: “Wat denk je, na meer dan vijftig dagen hongerstaking? Ik ­betreur dat het zover is gekomen. Ik had hen op voorhand ook afgeraden om dat te doen. Maar ik begrijp hun ­wanhoop. Zij werken hier jarenlang in erbarmelijke omstandigheden, hebben hier kinderen gekregen, zij dragen bij aan de samenleving, maar krijgen er niks voor terug. Toen PS-voorzitter Paul Magnette anderhalf jaar geleden informateur was, heeft hij hen ontvangen. Hij zei toen dat een nieuwe regularisatie in de steigers stond. Maar uiteindelijk is dat niet in het ­definitieve regeerakkoord gekomen. En dan valt voor hen het doek natuurlijk.”

Mijnheer Mahdi, u zit al wekenlang op dezelfde lijn: voor iedereen dezelfde regels, actievoeren niet belonen. Mahdi: “Dat betekent niet dat ik niet in dialoog ga. Ik probeer zo veel mogelijk met die mensen te praten. Ik heb ook verschillende delegaties op mijn kabinet ontvangen, we hebben met de Dienst Vreemdelingenzaken een infosessie georganiseerd … Deze week hebben we in de buurt van de Begijnhofkerk een neutrale zone opgericht waar die mensen hun individuele dossier kunnen bespreken en bekijken of ze in aanmerking komen voor individuele regularisatie.”

Denkt u dat dit een oplossing is, mijnheer Alliët?

Alliët: “Het wantrouwen is zeer groot. Velen denken dat hun aanvraag toch zal worden afgewezen. Zij ­worden hier al jarenlang uitgebuit, maar dat is geen criterium voor ­regularisatie, net zo min als het feit dat zij op menselijk vlak niet terug kunnen.”

Mahdi: “Of de neutrale zone lukt, hangt niet van mij alleen af, maar ook van de politiek, de verenigingen rond de actievoerders en de hongerstakers zelf. Want ik merk dat er binnen die groep druk is om de stap naar de neutrale zone niet te zetten. Mensen die nochtans misschien in aanmerking komen om in ons land te blijven, doen dat niet uit schrik voor de reacties uit de groep.”

Alliët: “Er is inderdaad soms wat groepsdruk, zoals dat altijd gaat in een groep. Tegelijk moet je wel ­respect hebben voor de solidariteit onder die mensen. Sommigen weten dat zijzelf wel in aanmerking ­komen, maar ze blijven actie voeren uit solidariteit met de anderen.”

Mahdi: “Dat is nochtans een ­onverstandige keuze. Mensen onderschatten ook hoeveel kans ze wél maken. Individuele regularisatie is er net om mensen vanuit humanitaire overwegingen te laten blijven. De voorbije jaren is ongeveer de helft van die aanvragen goedgekeurd, dus dat biedt wel degelijk perspectief.”

PS en Ecolo vinden die neutrale zone niet genoeg. Mahdi: “Ik heb er geen problemen mee dat politieke partijen hun standpunt weergeven. Maar daarbij moeten ze wel duidelijk maken dat dit niet het regeringsbeleid is. Het is heel belangrijk om een eenduidige boodschap te brengen. In de Begijnhofkerk volgen de bezetters de parlementszittingen live mee. Zodra zij het gevoel krijgen dat er een opening is, krijgen ze weer valse hoop.”

PS pleit ervoor om hen een werkvergunning te geven voor een knelpuntberoep. Mahdi: “Daarvoor bestaan procedures, en die beginnen met een aanvraag vanuit het thuisland. Het werkt niet omgekeerd, dat je hier eerst jarenlang in het zwart werkt en daarna beloond wordt met een werkvergunning.”

Alliët: “Maar die mensen zijn een deel van onze economie geworden, we hebben hen nodig. En we laten hen ­jarenlang als moderne slaven in mensonwaardige omstandigheden werken. Ik begrijp dat er regels ­moeten zijn, maar voor deze mensen zouden de regels misschien wel ­menselijker mogen worden. In Spanje bijvoorbeeld kom je na twee jaar ­verblijf en zes maanden werken in aanmerking voor wettelijk verblijf.”

Mahdi: “Spanje heeft een heel andere migratie. Veel mensen werken daar een tijdje en reizen daarna verder naar Noordwest-Europa. Bovendien zijn wij al een gastvrij land. Er zijn veel legale migratiekanalen. Niet ­enkel voor oorlogsvluchtelingen, maar ook op basis van studies, een job of om medische redenen. We voeren een menselijk, barmhartig beleid. Maar barmhartigheid staat niet gelijk aan open grenzen.”

Hoe barmhartig is het beleid als straks misschien een honger­staker overlijdt? Mahdi: “Niemand wil dat iemand overlijdt. Eerste minister Alexander De Croo (Open VLD) en ikzelf hebben het standpunt van de regering twee weken geleden in het parlement duidelijk toegelicht. Er komt geen collectieve regularisatie, elk dossier wordt apart beoordeeld. We hebben ook nooit valse hoop gegeven. Ik kan niet meer doen dan de hand uitreiken.”

Alliët: “Zolang er op wereldvlak zo'n grote ongelijkheid blijft, zullen ­dergelijke acties blijven terugkomen. ­Helaas leert de geschiedenis dat vaak eerst een crisissituatie nodig is ­vooraleer een stap naar meer ­rechtvaardigheid mogelijk is.”